Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016

Onder 4.13 Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1006.

Van een verbintenis tot nakoming na onbepaalde tijd is – in de bewoordingen van Smeehuijzen – sprake wanneer in de overeenkomst besloten ligt dat opeising niet direct plaats zal vinden. Of dat het geval is, is een kwestie van uitleg. In de parlementaire geschiedenis worden onder meer als voorbeelden genoemd: (1) de verbintenis van de bewaarder tot teruggave van de zaak bij een bewaargeving voor onbepaalde tijd; (2) renteloze leningen en voorschotten, die tussen familieleden worden verstrekt en dan vaak een slapend bestaan leiden totdat de nalatenschap van de uitlener openvalt en verrekening kan plaatsvinden met het aandeel van de erfgenaam die de lening ontving en (3) overeenkomsten tussen samenlevenden die zich verplichten bij te dragen in de kosten van de aankoop van de gemeenschappelijke woning, terwijl, zolang de samenleving duurt, geen reden wordt gezien om deze bijdrage daadwerkelijk te betalen of in te vorderen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/13e96f8a1e12d9107688ec037b8472a2d8bba046a9edcab85091429f7ee3628c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 13e96f8a1e12d9107688ec037b8472a2d8bba046a9edcab85091429f7ee3628c, en de alinea staat in dat document op bytes 73165 tot 74242.