Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016

Onder 5.29 Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1006.

Subonderdeel 2b houdt het volgende in. Volgens NBM heeft het hof aan zijn bewijsoordeel uitsluitend ten grondslag gelegd (1) dat de artrose met grote mate van waarschijnlijkheid moet worden toegeschreven aan het ongeval uit 1980; hetgeen als zodanig niet door NBM bestreden is en (2) dat uit de overgelegde medische informatie niet is gebleken van een andere mogelijke oorzaak van de huidige afwijkingen aan de knie. Deze vaststellingen wijzen er volgens NBM misschien wel op dat de afwijkingen een gevolg zijn van het ongeval uit 1980, maar NBM meent dat deze vaststellingen niet de conclusie kunnen dragen dat zich een belangrijke afwijking ten opzichte van het rapport van dr. Raat voordoet. Verder zou het hof ten onrechte niet hebben gerespondeerd op de stelling dat dr. Edixhoven niet heeft kunnen vaststellen of zich een belangrijke afwijking heeft voorgedaan ten opzichte van het rapport van dr. Raat. Uit de andere overgelegde medische stukken (de in rov. 3.1.6 genoemde brief van orthopedisch chirurg Giesberts en het in rov. 3.1.8 aangehaalde rapport van Movir) kan niet worden opgemaakt of sprake is van een belangrijke afwijking ten opzichte van het rapport van dr. Raat. Die stukken kunnen het bewijsoordeel dat aan het voorbehoud is voldaan dus evenmin dragen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/13e96f8a1e12d9107688ec037b8472a2d8bba046a9edcab85091429f7ee3628c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 13e96f8a1e12d9107688ec037b8472a2d8bba046a9edcab85091429f7ee3628c, en de alinea staat in dat document op bytes 106336 tot 107673.