Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016

Onder 2.7 Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1006.

Ook de subsidiaire vordering wordt afgewezen, omdat het de rechtbank niet vrijstaat, zoals NBM vordert, vooruit te lopen op een (mogelijke) bewijslevering van de vordering. Dit geldt temeer nu de bedoelde vordering (hof: de vordering van [verweerder] ) in conventie inhoudelijk niet aan de orde is, aldus de rechtbank (zie r.o. 4.13).”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/13e96f8a1e12d9107688ec037b8472a2d8bba046a9edcab85091429f7ee3628c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 13e96f8a1e12d9107688ec037b8472a2d8bba046a9edcab85091429f7ee3628c, en de alinea staat in dat document op bytes 26857 tot 27208.