Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016

Onder 2.15 Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1006.

Daarna heeft het hof overwogen dat partijen met de vaststellingsovereenkomst beoogden de opeisbaarheid van (vergoeding van) eventuele toekomstige schade afhankelijk te maken van een – opschortende – voorwaarde (namelijk: een belangrijke afwijking ten opzichte van de situatie en invalidering als beschreven in het rapport van dr. Raat). Volgens het hof is op grond van de vaststellingsovereenkomst en het daarin opgenomen voorbehoud de twintig jaarstermijn eerst gaan lopen vanaf de dag dat [verweerder] in 2007 bekend werd met de schade. Het hof acht de vordering daarom niet verjaard. Het hof overweegt in dat kader als volgt:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/13e96f8a1e12d9107688ec037b8472a2d8bba046a9edcab85091429f7ee3628c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 13e96f8a1e12d9107688ec037b8472a2d8bba046a9edcab85091429f7ee3628c, en de alinea staat in dat document op bytes 40410 tot 41055.