Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 augustus 2016

Onder 4.2. Parket bij de Hoge Raad 30 augustus 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 augustus 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1029.

De rechtbank is met de rechter-commissaris van oordeel dat zich in casu uitzonderlijke omstandigheden voordoen, zoals omschreven in haar beslissing van 23 april 2015. Klager wordt verdacht van (medeplegen van) valsheid in geschrifte door het opstellen van een valse verklaring en/of een valse (fax)brief en/of het vervalsen van een (fax)verzendbewijs. Uit het dossier blijkt dat de verklaring en de brief zijn opgesteld op briefpapier van [betrokkene 1] advocaten en zijn voorzien van de naam, meestertitel en functie (respectievelijk advocaat en raadsman van [medeverdachte] ) van klager. Ook het (fax)verzendafschrift van een brief/schriftelijk stuk naar het kantoor van de curator is afkomstig van het kantoor van klager.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c871d633a0fe9face0f94e54cf2991bff117a12eae9e63e5cca82fe4ea6ad94c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c871d633a0fe9face0f94e54cf2991bff117a12eae9e63e5cca82fe4ea6ad94c, en de alinea staat in dat document op bytes 22169 tot 22906.