Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 september 2016

Onder 3.6. Parket bij de Hoge Raad 13 september 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 september 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1043.

Deze afweging houdt kort gezegd in dat vervolging van eventuele misstanden op grond van artikel 449 Sr, waarin strafbaar wordt gesteld het sluiten van een religieus huwelijk (ofwel het verrichten van «enige godsdienstige plechtigheid» door een «bedienaar van een godsdienst») vóórdat een burgerlijk huwelijk is gesloten, door verschillende oorzaken wordt bemoeilijkt. Aangezien een informeel islamitisch huwelijk min of meer heimelijk kan worden gesloten – van registratie is in de regel geen sprake – is het bewijs dat een dergelijk huwelijk is gesloten niet eenvoudig te leveren, zeker niet indien betrokkenen daarover geen mededelingen (willen) doen. Voorts is het de vraag of te bewijzen is dat een religieus huwelijk, dat slechts een informele rite kan betreffen, heeft plaatsgevonden volgens de regels van de betreffende godsdienstige gemeenschap. Zoals ook in de derde voortgangsrapportage terrorismebestrijding aan de Tweede Kamer is opgemerkt (TK 2005–2006, 29 754, nr. 60, p. 2), komt er tenslotte bij sluiting van informele islamitische huwelijken geen erkende geestelijke of administratieve autoriteit aan te pas. Mede daarom is het moeilijk vast te stellen of in de As Soenah-moskee een «bedienaar van een godsdienst» «enige godsdienstige plechtigheid» heeft verricht; de bewijsvoering zal minst genomen zeer bewerkelijk zijn.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5ebb01d808addf41375ccba19d7f22283617de67747bb52eff641d5bf0753ed1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5ebb01d808addf41375ccba19d7f22283617de67747bb52eff641d5bf0753ed1, en de alinea staat in dat document op bytes 20325 tot 21696.