Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2016
Alinea 133 Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1047.
59. § 110 § 110 StPO bevat specifieke regels voor het onderzoek ( Durchsicht ) aan papieren (brieven, dagboeken en andere bij de betrokkene aangetroffen geschreven teksten) en elektronische gegevensdragers die in beslag kunnen worden genomen (het derde lid van § 110 StPO). Deze voorwerpen mogen alleen aan een nader onderzoek worden onderworpen door een Staatsanwalt , of – in zijn opdracht – Ermittlungspersonen . De Durchsicht gaat vooraf aan een eventuele inbeslagneming en is bedoeld als middel om te onderzoeken of bepaalde papieren of gegevensdragers in aanmerking komen voor inbeslagneming. Door de voor inbeslagneming vatbare voorwerpen te onderzoeken op hun mate van relevantie voor de waarheidsvinding kan worden voorkomen dat voorwerpen in beslag worden genomen die uiteindelijk niet kunnen bijdragen tot het bewijs maar die wel veel informatie over het privéleven van de betrokkene bevatten. Een smartphone die bij een verdachte wordt aangetroffen, mag dus niet direct door een politieambtenaar aan een nader onderzoek worden onderworpen. Voorwerpen mogen worden veiliggesteld ( vorläufige Sicherstellung ) om deze later te kunnen doorzoeken op basis van § 110 StPO. Daarna kan eventueel de inbeslagneming volgen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc7d5769f3a9ca36ffe61771e6baf0acb6f8cfa6426232128d3407c23265a3c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc7d5769f3a9ca36ffe61771e6baf0acb6f8cfa6426232128d3407c23265a3c1, en de alinea staat in dat document op bytes 80859 tot 82469.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fc7d5769f3a9ca36ffe61771e6baf0acb6f8cfa6426232128d3407c23265a3c1 | shasum -a 256