Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2016

Alinea 157 Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1047.

73. Een vergelijking van de wetgeving en jurisprudentie op het gebied van de inbeslagneming en doorzoeking van mobiele telefoons in België, Duitsland en de Verenigde Staten laat zien dat er geen overeenstemming bestaat over de vraag onder welke voorwaarden een mobiele telefoon die in beslag wordt genomen aan een nader onderzoek mag worden onderworpen. In de uitspraken Riley v. California en United States v. Wurie heeft het Supreme Court van de Verenigde Staten geoordeeld dat het in zijn algemeenheid niet is toegestaan om een in beslag genomen mobiele telefoon op basis van die bevoegdheid tot inbeslagneming nader te onderzoeken. Daarbij heeft zwaar meegewogen dat een mobiele telefoon heden ten dage in de regel veel privacygevoelige informatie bevat die veel aspecten van het leven van de gebruiker betreft. De in art. 94 Sv opgenomen gronden voor inbeslagneming, met name het aan het licht brengen van de waarheid, in combinatie met de in art. 95 Sv gegeven bevoegdheid om de voorwerpen die de verdachte bij zich draagt in beslag te nemen, vertonen enige gelijkenis met de search-incident-to-arrest- exceptie op het vierde amendement bij de Amerikaanse grondwet. In beide gevallen gaat het om een bevoegdheid die kan worden aangewend in aansluiting op de rechtmatige aanhouding van de verdachte en zonder dat hiertoe een rechterlijke machtiging wordt verstrekt. In geval de benadering van het Supreme Court zou worden toegepast op het Nederlandse wettelijke kader, dan zou een telefoon die op grond van art. 95 (dan wel art. 96) Sv, in verbinding met art. 94 Sv, in beslag is genomen slechts mogen worden onderzocht na een rechterlijke machtiging.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc7d5769f3a9ca36ffe61771e6baf0acb6f8cfa6426232128d3407c23265a3c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc7d5769f3a9ca36ffe61771e6baf0acb6f8cfa6426232128d3407c23265a3c1, en de alinea staat in dat document op bytes 98493 tot 100337.