Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2016

Alinea 165 Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1047.

80. In dit verband is van belang in welke mate het onderzoek aan de smartphone en het kennis nemen en gebruiken van de daarop beschikbare gegevens een inmenging vormen in het privéleven van de gebruiker daarvan. Het hof heeft er in het bestreden arrest in dit verband op gewezen dat via een smartphone niet alleen toegang wordt verkregen tot verkeersgegevens, maar ook tot de inhoud van communicatie en privéinformatie van de gebruiker van de smartphone. Uit de rechtsvergelijkende schets kwam naar voren dat het Supreme Court van de Verenigde Staten bij zijn oordeel in de zaak Riley dat een onderzoek in een smartphone zonder warrant in beginsel ontoelaatbaar is zwaar heeft laten wegen “ that many of the more than 90% of American adults who own a cell phone keep on their person a digital record of nearly every aspect of their lives – form the mundane to the intimate ”. Daarbij wordt de nadruk gelegd op de smartphone als houder van privéinformatie, waarop gegevens staan die voorheen in de huiselijke omgeving werden bewaard, zoals fotoalbums, contactgegevens, agenda’s en dagboeken, terwijl daarop ook chatgesprekken van persoonlijke aard kunnen worden aangetroffen en informatie die inzicht biedt in de plaatsen waar de gebruiker van de smartphone heeft verbleven, met welke telefoons contact heeft plaatsgevonden en welke websites hij of zij heeft bezocht. Gezondheidsapps kunnen zelfs inzicht bieden in de medische gesteldheid van de gebruiker. In dit verband is in de literatuur gesteld dat een smartphone een tamelijk volledige blauwdruk bevat van iemands persoonlijke leven en dat veel van de informatie die via een in beslag genomen smartphone beschikbaar komt voorheen alleen te achterhalen was via een doorzoeking in de woning of via het onderscheppen van telecommunicatie. Overigens valt niet te hopen dat de stelling van de raadsvrouwe tijdens het pleidooi in hoger beroep, dat de telefoon “ons hele leven” bevat, ooit werkelijkheid zal gaan worden. Wel moet worden erkend dat waar voorheen het grootste deel van het privéleven in de woning achterbleef, veel mensen dat tegenwoordig - althans voor een deel - in hun smartphone mee dragen. Daarbij verdient opmerking dat dezelfde soort gegevens die thans via een smartphone zijn te raadplegen in het verleden veelal slechts door middel van de uitoefening van meer ingrijpende bevoegdheden, zoals de doorzoeking van een woning, waren te achterhalen. De toepassing van die ingrijpende bevoegdheden is in het algemeen met meer waarborgen omkleed dan de bevoegdheden tot inbeslagneming op de voet van de artikelen 95 en 96 Sv.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc7d5769f3a9ca36ffe61771e6baf0acb6f8cfa6426232128d3407c23265a3c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc7d5769f3a9ca36ffe61771e6baf0acb6f8cfa6426232128d3407c23265a3c1, en de alinea staat in dat document op bytes 106809 tot 109630.