Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2016
Alinea 121 Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1048.
48. De eis van een rechterlijke machtiging strekt ertoe dat voorafgaand aan de inbeslagneming wordt getoetst of de inbreuk die met de inbeslagneming wordt gemaakt op grondrechten van de betrokkene te rechtvaardigen is. Daarbij speelt een rol dat het horen van de betrokkene voorafgaand aan de inbeslagneming veelal niet mogelijk is en dat een daarna gemaakte inbreuk op zijn grondrechten niet meer kan worden hersteld. Een machtiging tot inbeslagneming moet de specifieke objecten bevatten die in beslag mogen worden genomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/608dad3e90cabd5692851a09228a1c4cd95a40c83fca50b2cf274533d364798f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 608dad3e90cabd5692851a09228a1c4cd95a40c83fca50b2cf274533d364798f, en de alinea staat in dat document op bytes 66938 tot 67604.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/608dad3e90cabd5692851a09228a1c4cd95a40c83fca50b2cf274533d364798f | shasum -a 256