Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016

Onder 3.20 Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1070.

In de stellingen van [verzoekers] ligt echter ook besloten dat de rechter-commissaris bij hen het vertrouwen heeft gewekt dat geen faillissementsverhoor zou plaatsvinden, door het op 1 juli 2014 geplande verhoor af te gelasten en mee te delen dat in plaats daarvan schriftelijk vragen zouden worden gesteld. Tot schriftelijke vragen is het echter nimmer gekomen (zie de feitenvaststelling onder 2.5 en 2.6). Hun stellingen komen erop neer dat het niet aangaat dat de rechter-commissaris daar bijna twee jaar later zonder enige motivering van terugkomt. Ook op dit argument is in de bestreden beschikking niet expliciet ingegaan. Ik begrijp de beschikking zo, dat de rechtbank van oordeel is dat indien sprake is van nieuwe informatie, het de rechter-commissaris vrij staat om alsnog een faillissementsverhoor te gelasten. Nu van de rechter-commissaris echter niet gevergd kan worden dat hij dergelijke informatie van te voren deelt met [verzoekers], moet het verhoor worden afgewacht en kan de rechtbank de rechter-commissaris niet vooraf verbieden om [verzoekers] op te roepen voor een faillissementsverhoor. Een nadere motivering van de beslissing om hen op te roepen voor een faillissementsverhoor is dan ook niet nodig, zo is kennelijk de gedachte.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a29cf23f0a9528552b2019c7e07867f72c39f35d1891d15149e11cf3c283f77f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a29cf23f0a9528552b2019c7e07867f72c39f35d1891d15149e11cf3c283f77f, en de alinea staat in dat document op bytes 48264 tot 49704.