Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016
Onder 3.14 Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1074.
Volgens mij heeft het hof hier via gevalsonderscheiding zijn beslissing gepositioneerd ten opzichte van de hem bekende eerdere concretiseringen van gevallen van risicotoerekening naar verkeersopvattingen, daarmee rekenschap afleggend voor de toepassing van de vuistregel uit Spruijt/Tigchelaar . Dit een bekende rechtsvindingstechniek die veel voorkomt in de feitenrechtspraak . Dat is niet rechtens onjuist en evenmin onbegrijpelijk. Daarop stranden subonderdelen 1.3 en 1.4, hetgeen ik nog kort uitwerk.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ebcfbfb9dc186cade1dd81718cc243e916c5925c2709858a23baabe8b014224c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ebcfbfb9dc186cade1dd81718cc243e916c5925c2709858a23baabe8b014224c, en de alinea staat in dat document op bytes 64906 tot 65585.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ebcfbfb9dc186cade1dd81718cc243e916c5925c2709858a23baabe8b014224c | shasum -a 256