Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016

Onder 3.4.4 Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1075.

Gelet op het voorgaande moet vraag 1 aldus worden beantwoord dat de stuitende werking op de voet van art. 3:316 lid 1 BW van een collectieve vordering in de zin van art. 3:305a BW zich uitstrekt tot de verjaring van op die collectieve actie aansluitende individuele vorderingen tot vernietiging van rechtshandelingen krachtens art. 1:89 BW, hetgeen ingevolge het bepaalde in art. 3:52 lid 2 BW ertoe leidt dat ook de verjaring van de bevoegdheid tot het uitbrengen van een buitengerechtelijke verklaring wordt gestuit.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/86c1d8d7dde34c82cbe3caf059bc74d3acd608afb4d8a8b49ac29d8492c7c226. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 86c1d8d7dde34c82cbe3caf059bc74d3acd608afb4d8a8b49ac29d8492c7c226, en de alinea staat in dat document op bytes 27776 tot 28310.