Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016
Onder 3.5.2 Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1075.
Art. 3:316 lid 2 BW bepaalt dat de verjaring in dat geval slechts is gestuit indien binnen zes maanden nadat het geding is geëindigd een nieuwe eis wordt ingesteld en deze alsnog tot toewijzing leidt. Deze bepaling moet aldus worden begrepen dat het niet (tijdig) instellen van een nieuwe eis tot gevolg heeft dat de stuitende werking van de eerder ingestelde eis komt te vervallen (HR 8 februari 2013, ECLI:NL:HR:2013:BX7846, NJ 2014/495).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/86c1d8d7dde34c82cbe3caf059bc74d3acd608afb4d8a8b49ac29d8492c7c226. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 86c1d8d7dde34c82cbe3caf059bc74d3acd608afb4d8a8b49ac29d8492c7c226, en de alinea staat in dat document op bytes 29712 tot 30166.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/86c1d8d7dde34c82cbe3caf059bc74d3acd608afb4d8a8b49ac29d8492c7c226 | shasum -a 256