Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016

Onder 1.9 Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1076.

Bij vonnis van 8 maart 2002 , gewezen tussen [eiseres 2] en [eiser 1] als eisers en [verweerder 1] en [verweerster 2] als gedaagden, heeft de rechtbank ’s-Hertogenbosch overwogen dat [eisers] en [verweerder 1] erfgenamen zijn van [betrokkene] . Zij zijn veroordeeld tot verdeling van de nalatenschap ten overstaan van een notaris over te gaan. Daarbij is beslist dat ook [verweerster 2] aan deze verdeling dient mee te werken, omdat zij via haar deelgenootschap in de ontbonden huwelijksgemeenschap deelgenoot is geworden in de onverdeelde nalatenschap van [betrokkene] (rov. 4.3). Voormeld vonnis is bij arrest van het hof ’s-Hertogenbosch van 16 september 2003 bekrachtigd. De nalatenschap is vervolgens onverdeeld gebleven .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f56a05ad86715663dcbb9047416f7cd0a74934283f6ea250d99881a2bde6ab3b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f56a05ad86715663dcbb9047416f7cd0a74934283f6ea250d99881a2bde6ab3b, en de alinea staat in dat document op bytes 9148 tot 10082.