Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016

Onder 3.3.3 Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1078.

De in het arrest Aukema q.q./Uni-Invest bedoelde afweging heeft slechts betrekking op de verhouding tussen verhuurder en boedel. De op die afweging berustende regeling van art. 39 Fw strekt niet mede ter bescherming van het belang van de gefailleerde. Er is daarom geen reden om een beding waarbij de huurder zich heeft verplicht tot vergoeding van de schade die de verhuurder lijdt door een voortijdig einde van de huurovereenkomst als gevolg van het faillissement van de huurder, nietig te achten jegens de gefailleerde huurder zelf, ingeval de huurovereenkomst wordt opgezegd op de voet van het artikel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d0dff6f7e9712396efc31239a32cb291132bc057c7ead8b0f2f0696e06d0b183. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d0dff6f7e9712396efc31239a32cb291132bc057c7ead8b0f2f0696e06d0b183, en de alinea staat in dat document op bytes 48332 tot 48952.