Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016

Onder 4.18 Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1078.

“Het uitgangspunt van deze klacht is juist: het bestaan van een aan de verrijking ten grondslag liggende (rechtsgeldige) overeenkomst tussen de verrijkte en de verarmde rechtvaardigt in beginsel die verrijking, maar een verrijking van een partij bij een overeenkomst ten koste van een derde wordt niet steeds en zonder meer gerechtvaardigd door die overeenkomst.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d0dff6f7e9712396efc31239a32cb291132bc057c7ead8b0f2f0696e06d0b183. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d0dff6f7e9712396efc31239a32cb291132bc057c7ead8b0f2f0696e06d0b183, en de alinea staat in dat document op bytes 60239 tot 60619.