Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016

Onder 4.19 Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1078.

Wanneer is sprake van een verrijking ten koste van een ander? Volgens de parlementaire geschiedenis moet er “een zeker verband” tussen de verrijking en de verarming bestaan. Aangenomen kan worden dat tegenover de verrijking van de één de verarming van de ander moet staan. Niet vereist is dat de verrijkte of de verarmde de verrijking moet hebben veroorzaakt . Van ongerechtvaardigde verrijking kan ook sprake zijn indien de verrijking heeft plaatsgevonden door tussenkomst van een derde. Ook gevallen van indirecte verrijking kunnen onder de werking van art. 6:212 BW vallen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d0dff6f7e9712396efc31239a32cb291132bc057c7ead8b0f2f0696e06d0b183. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d0dff6f7e9712396efc31239a32cb291132bc057c7ead8b0f2f0696e06d0b183, en de alinea staat in dat document op bytes 60719 tot 61703.