Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 september 2016
Onder 5.5. Parket bij de Hoge Raad 13 september 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 september 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1100.
Vooropgesteld zij dat toewijzing van een vordering tot schadevergoeding (als bedoeld in art. 51a lid 1 Sv) van de benadeelde partij alleen die schade in aanmerking komt die rechtstreeks is geleden door het strafbare feit. De kosten van rechtsbijstand zijn niet als zodanige rechtstreekse schade aan te merken. Dat brengt mee dat dergelijke kosten ook niet in aanmerking kunnen worden genomen bij de oplegging van de in art. 36f lid 1 Sr voorziene maatregel. Indien een benadeelde partij dergelijke proceskosten als onderdeel van de schade in de zin van art. 51a Sv vordert, dient zij in zoverre in die vordering niet-ontvankelijk te worden verklaard. Door een benadeelde partij gemaakte kosten voor rechtsbijstand zijn te rekenen tot de proceskosten, waaromtrent de rechter ingevolge het bepaalde in art. 592a Sv in de daar bedoelde gevallen een afzonderlijke beslissing dient te geven, die ingevolge het bepaalde in art. 361 lid 6 Sv in het vonnis dient te worden opgenomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0a9b092b0dc5d868d67a96d5e628d2d8d1bd3079cdd9a0800c795004a82f7a79. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0a9b092b0dc5d868d67a96d5e628d2d8d1bd3079cdd9a0800c795004a82f7a79, en de alinea staat in dat document op bytes 28955 tot 30071.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0a9b092b0dc5d868d67a96d5e628d2d8d1bd3079cdd9a0800c795004a82f7a79 | shasum -a 256