Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 november 2016

Onder 5.6 Parket bij de Hoge Raad 9 november 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 november 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1106.

De belanghebbende acht het disproportioneel om van een niet-ingezeten lichaam dat zijn aandeelhouders niet kent te eisen dat hij aan de aandeelhouderseis voldoet, waaraan hij immers niet kan voldoen. Die eis is niet relevant en is volgens hem ook in binnenlandse situaties niet van belang omdat er niet aan zou worden getoetst. Ter zake van de dooruitdelingseis acht de belanghebbende, gelet op de ratio van het fbi-regime, slechts van belang of het Duitse regime voor door hem uitgekeerde winsten gelijkwaardig is aan het fbi-regime in Nederland. Een striktere toepassing van de Nederlandse uitdelingseis acht hij, gezien het arrest Commerzbank in strijd met het EU-recht, met name met het proportionaliteitsbeginsel. Hij stelt tot slot dat van ‘neutralisering’ door Duitsland van de Nederlandse discriminatoire niet-restitutie (zie het Amurta -arrest van het HvJ EU) geen sprake kan zijn omdat hij niet onderworpen is aan de Duitse vennootschapsbelasting en de Nederlandse dividendbelasting dus niet kan verrekenen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/189c2106c88a890bcccbaad8358b1b97cdaa5fcaac3c8222a058b80f311df133. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 189c2106c88a890bcccbaad8358b1b97cdaa5fcaac3c8222a058b80f311df133, en de alinea staat in dat document op bytes 225980 tot 227211.