Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 november 2016
Onder 2.11. Parket bij de Hoge Raad 4 november 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 november 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1116.
Bij arrest van 13 mei 2014 heeft de grote kamer van het Hof van Justitie uitspraak gedaan in een geschil over de vraag of van de exploitant van een zoekmachine kan worden verlangd dat resultaten van zoekopdrachten op een bepaalde persoonsnaam worden onderdrukt . In het arrest onderscheidt het Hof van Justitie drie stappen. Eerst stelt het Hof van Justitie vast dat de activiteiten van een zoekmachine zijn aan te merken als een ‘verwerking van persoonsgegevens’ waarop de Richtlijn van toepassing is. Vervolgens komt de vraag aan de orde in hoeverre de exploitant van de zoekmachine verantwoordelijk is voor deze verwerking van persoonsgegevens . De derde stap betreft de vraag of van de exploitant van de zoekmachine verlangd kan worden dat deze gegevens worden verwijderd uit de zoekresultaten . Deze stappen worden hierna kort besproken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/472289fa7aa61c4d6cdaef5b7136fa261904dcaacd4476558cab5feb45c7874e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 472289fa7aa61c4d6cdaef5b7136fa261904dcaacd4476558cab5feb45c7874e, en de alinea staat in dat document op bytes 29505 tot 30553.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/472289fa7aa61c4d6cdaef5b7136fa261904dcaacd4476558cab5feb45c7874e | shasum -a 256