Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 november 2016

Onder 3.5. Parket bij de Hoge Raad 4 november 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 november 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1116.

Vervolgens stelt het Hof van Justitie vast dat, gelet op de potentiële ernst van deze inmenging in het privéleven, deze inmenging niet kan worden gerechtvaardigd door louter het economisch belang dat de exploitant van de zoekmachine bij deze verwerking van persoonsgegevens heeft. Wat betreft de afweging van het belang van de betrokken persoon tegen het gerechtvaardigde belang van de internetgebruikers die potentieel toegang tot deze persoonsgegevens willen krijgen, moet volgens het Hof van Justitie worden gezocht naar een juist evenwicht (‘ fair balance’ ) tussen met name dit belang en de grondrechten van deze persoon krachtens de artikelen 7 en 8 van het Handvest Grondrechten. Daarna overwoog het hof:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/472289fa7aa61c4d6cdaef5b7136fa261904dcaacd4476558cab5feb45c7874e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 472289fa7aa61c4d6cdaef5b7136fa261904dcaacd4476558cab5feb45c7874e, en de alinea staat in dat document op bytes 54988 tot 55751.