Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 november 2016
Onder 4.28 Parket bij de Hoge Raad 9 november 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 november 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1130.
De uitkomsten van de (…) benaderingswijze [zie 4.24; A-G] behoren begrenzingen te kennen waar de omvang en/of de continuïteit van het ter beschikking gestelde bepaalde grenzen te boven gaan. Waar bedrijfsfitness en de beschikbaarheid van een bedrijfsarts naar algemeen gevoelen buiten het loon moeten blijven, ligt dat duidelijk anders met volledige lichamelijke verzorging, eventueel inclusief die van familieleden. De behoefte aan lichamelijke verzorging is een zo fundamentele basisbehoefte van de mens, dat waar daarin wordt voorzien door de werkgever, een zo onmiskenbare bevoordeling optreedt, dat de waarde van die verzorging niet buiten beschouwing kan blijven. Iets dergelijks speelt bijvoorbeeld bij het verschaffen van kost en inwoning door de werkgever. Krijgt een werknemer van zijn werkgever kost en/of inwoning, dan kan de waarde daarvan niet buiten beschouwing blijven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a20fbb2a4538f2cb2718625d8cbad21f7e13a92d64c6b84bab3ee5e2f6426f94. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a20fbb2a4538f2cb2718625d8cbad21f7e13a92d64c6b84bab3ee5e2f6426f94, en de alinea staat in dat document op bytes 71230 tot 72132.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a20fbb2a4538f2cb2718625d8cbad21f7e13a92d64c6b84bab3ee5e2f6426f94 | shasum -a 256