Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2016

Alinea 113 Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:114.

Ook overigens faalt het onderdeel met zijn klacht dat het oordeel van het hof in wezen erop neerkomt dat [eiseres] (uitsluitend, althans vooral) vanwege haar leeftijd en vermogenspositie het beslag, dat rust op een niet onaanzienlijk deel van haar vermogen (€ 130.000,-), moet dulden en dat dat oordeel onjuist en/of onbegrijpelijk is gelet op het in het onderdeel weergegeven betoog van [eiseres] . Het onderdeel kwalificeert het derdenbeslag op € 130.000,- als een beslag op een niet onaanzienlijk deel van het vermogen van [eiseres] . Daarbij teken ik aan dat het hof in rov. 3.6 bij zijn belangenafweging in aanmerking heeft genomen dat [eiseres] krachtens testament en huwelijksgoederenrecht de beschikking heeft gekregen over de gehele nalatenschap (met een zuiver saldo van € 1.068.180,- zonder rekening te houden met het banktegoed in Zwitserland) waaronder de voormalige echtelijke woning, en dat [eiseres] deze woning die was belast met een hypotheek van € 150.000,-, in juni 2013 heeft verkocht voor een koopsom van € 1.275.000,-. Wat hiervan verder ook zij, het hof heeft de door het onderdeel genoemde omstandigheden (leeftijd en vermogenspositie) in zijn belangenafweging betrokken. Dat stond het hof vrij. Het hof heeft meegewogen dat de vorderingen van [verweersters] (eventueel) niet-opeisbaar zijn, dat in het testament van [betrokkene 1] is bepaald dat deze vordering niet-opeisbaar zijn mede ter voldoening aan een natuurlijke verbintenis tot verzorging en onderhoud van [eiseres] . Het hof is tot de slotsom gekomen dat het belang van [eiseres] vrij over het beslagen bedrag van € 130.000,- te kunnen beschikken, niet opweegt tegen het belang van [verweersters] bij handhaving van het conservatoire beslag. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk of onvoldoende gemotiveerd. Het gaat hier om een in hoge mate feitelijk oordeel in kort geding. Van een onjuiste rechtsopvatting geeft ’s hofs oordeel evenmin blijk. Voor zover het onderdeel in dit verband wil betogen dat het hof het beslag had moeten opheffen nu het om niet-opeisbare vorderingen gaat, verwijs ik naar hetgeen op dat punt bij de bespreking van middelonderdeel 2 aan de orde kwam.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b43291371eab74f8be79007a733355293d58a350bc53c3f3e9c39962ed80f3ff. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b43291371eab74f8be79007a733355293d58a350bc53c3f3e9c39962ed80f3ff, en de alinea staat in dat document op bytes 59938 tot 62127.