Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2016
Alinea 25 Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:114.
iii) Nadien heeft [verweerder 1] ontdekt dat het saldo van een Zwitserse bankrekening niet bij de onderhandeling over de uitkering van zijn legitieme portie was betrokken. In een daarop gevolgde gerechtelijke procedure tussen partijen bij de rechtbank Amsterdam (vonnis van 23 juni 2010) en bij het hof Amsterdam (tussenarrest van 23 oktober 2012, eindarrest van 13 augustus 2013 en herstelarrest van 22 oktober 2013) zijn onder meer de (omvang van de) legitieme porties van [verweerder 1] en [verweerder 2] in de nalatenschap van hun vader vastgesteld. Tevens is de vordering van [verweerder 1] strekkende tot betaling van (het restant van) de aan hem toekomende legitieme portie uit hoofde van die nalatenschap afgewezen, aangezien deze vordering naar het oordeel van het hof thans nog niet opeisbaar is, maar pas op de door [betrokkene 1] in zijn testament opgenomen momenten. Tegen dit arrest is geen beroep in cassatie ingesteld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b43291371eab74f8be79007a733355293d58a350bc53c3f3e9c39962ed80f3ff. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b43291371eab74f8be79007a733355293d58a350bc53c3f3e9c39962ed80f3ff, en de alinea staat in dat document op bytes 8828 tot 9788.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b43291371eab74f8be79007a733355293d58a350bc53c3f3e9c39962ed80f3ff | shasum -a 256