Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2016
Alinea 45 Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:114.
De grief van [eiseres] dat de vordering van [verweerder 2] op grond van art. 128 Overgangswet Nieuw BW summierlijk ondeugdelijk is aangezien hij zijn legitieme portie niet vóór 16 november 2006 heeft opgeëist, miskent dat het bepaalde in art. 128 Overgangswet Nieuw BW wel ertoe kan leiden dat de in het oude recht aan de legitimaris van een vóór 1 januari 2003 opengevallen nalatenschap toegekende bevoegdheden vervallen als deze bevoegdheden niet tijdig worden uitgeoefend, maar niet dat de vordering ter grootte van de legitieme portie op de nalatenschap komt te vervallen. En voor deze vordering heeft [verweerder 2] beslag gelegd. (rov. 3.9)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b43291371eab74f8be79007a733355293d58a350bc53c3f3e9c39962ed80f3ff. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b43291371eab74f8be79007a733355293d58a350bc53c3f3e9c39962ed80f3ff, en de alinea staat in dat document op bytes 16572 tot 17238.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b43291371eab74f8be79007a733355293d58a350bc53c3f3e9c39962ed80f3ff | shasum -a 256