Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2016

Alinea 74 Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1150.

Het opleggen van een hoofdelijke betalingsverplichting voor het gehele bedrag van het wederrechtelijk verkregen voordeel, zonder dat is kunnen worden vastgesteld dat de 'schuldenaar' dat voordeel heeft verkregen, zal doorgaans in strijd zijn met het uitgangspunt dat slechts voordeel kan worden ontnomen dat de betrokkene in de concrete omstandigheden van het geval daadwerkelijk heeft behaald. Alleen indien het verkregen wederrechtelijk voordeel als 'gemeenschappelijk voordeel' kan worden aangemerkt waarover ieder van de mededaders kan beschikken of heeft kunnen beschikken, tast oplegging van een hoofdelijke betalingsverplichting het karakter van de ontnemingsmaatregel niet aan. Dit 'gemeenschappelijk voordeel' kan dan aan ieder van de mededaders voor het geheel worden toegerekend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/21ecc6437148b4c90c0453bf6821ac02e7ab566529de3747734a5eb651c5a8dd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 21ecc6437148b4c90c0453bf6821ac02e7ab566529de3747734a5eb651c5a8dd, en de alinea staat in dat document op bytes 20588 tot 21392.