Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2016

Alinea 41 Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1155.

17. Als vast zou komen te staan dat de schriftelijk bijzondere volmacht om namens de verdachte beroep in cassatie in te stellen binnen de beroepstermijn is ontvangen, dan is de omstandigheid dat de griffier heeft nagelaten daarvan tijdig akte op te maken een ambtelijk verzuim dat niet aan de verdachte mag worden tegengeworpen. Of daarvan in de onderhavige zaak sprake is, kan ik echter niet vaststellen. Dag en uur van ontvangst zijn op de volmacht immers niet aangetekend. Om die reden gaat het beroep van mr. Kuijper op HR 27-01-2015, ECLI:NL:HR:2015:130 niet op. In de zaak die tot dat arrest heeft geleid, stond vast op welke datum de bedoelde volmacht bij de fax(!)brief bij de griffie was binnengekomen. Voorts wijs ik erop dat louter de mogelijkheid dat de overschrijding van de beroepstermijn aan een ambtelijke fout te wijten is geweest, nog niet voldoende is om het beroep ontvankelijk te achten , terwijl in de onderhavige zaak aanknopingspunten voor een verontschuldigbare termijnoverschrijding ontbreken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/05d358bf3f28dc0fc0fe35423de951b32ce5f8494c920760528ac32bb0878272. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 05d358bf3f28dc0fc0fe35423de951b32ce5f8494c920760528ac32bb0878272, en de alinea staat in dat document op bytes 24797 tot 25957.