Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2016

Onder 3.15 Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:117.

Voor beide standpunten zijn argumenten aan te dragen. Ik kies voor de opvatting dat stelplicht en bewijslast in de onder a en c bedoelde gevallen berust bij de wederpartij, nu de tenzij-formule daarop wijst. Daaraan staat naar mijn mening niet in de weg dat kenbaarheid inderdaad essentieel is voor een geslaagd beroep op dwaling en dat de stelplicht en bewijslast op dit punt in het onder b bedoelde geval op de dwalende rusten. De redenering zou dan de volgende kunnen zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a15a3ab56820ec33bd91d1c9d89ce7ea20dad936a0aed64124e83c87b2f8c272. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a15a3ab56820ec33bd91d1c9d89ce7ea20dad936a0aed64124e83c87b2f8c272, en de alinea staat in dat document op bytes 47572 tot 48125.