Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 november 2016

Onder 2.33. Parket bij de Hoge Raad 18 november 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 november 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1171.

Het voorgaande voert mij tot de slotsom dat voor het geval van onmogelijkheid om aan de hoofdveroordeling te voldoen een voorziening is getroffen in de eenvormige Benelux-wet. In de (per definitie aan een verzoek tot opheffing voorafgaande) fase van het opleggen van een dwangsomsanctie, is in het geldende recht onvoldoende steun te vinden voor de opvatting dat de rechter verplicht is een maximum te verbinden aan een dwangsomsanctie per tijdseenheid, hoe wenselijk dat in het algemeen ook is . Ook de opvatting in het middelonderdeel, die erop neerkomt dat bij onbeperkte cumulatie van telkens per tijdseenheid verschuldigde dwangsommen, de dwangsomsanctie haar preventieve karakter verliest en een punitief karakter zal krijgen , heeft niet tot gevolg dat de rechter die op deze wijze strikte naleving van het gegeven verbod of bevel wil verzekeren, rechtens gehouden is tot maximering.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1de78ea432ffea89a29e43a498d8acf775eff4e9234dbc930ba0543da3c3a08b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1de78ea432ffea89a29e43a498d8acf775eff4e9234dbc930ba0543da3c3a08b, en de alinea staat in dat document op bytes 67798 tot 68828.