Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 november 2016

Onder 3.12 Parket bij de Hoge Raad 18 november 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 november 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1173.

Wanneer een van de partijen die in eerste aanleg aan dezelfde zijde stonden in hoger beroep gaat, is de hoofdregel dat de uitspraak in hoger beroep geen werking heeft ten aanzien van de partij die géén hoger beroep instelde. Deze partij heeft slechts te maken met het tegen haar gewezen vonnis in eerste aanleg, dat jegens haar kracht van gewijsde heeft gekregen. De niet-appellerende partij profiteert dus niet van het hoger beroep van haar medestander in eerste aanleg; voor haar geldt gewoon het vonnis. Een uitzondering op deze hoofdregel bestaat in de situatie dat sprake is van een processueel ondeelbare rechtsverhouding. In dat geval krijgt de uitspraak in hoger beroep óók gelding ten opzichte van de niet in beroep gekomen partij. De Hoge Raad heeft deze figuur voor het eerst uitvoerig toegelicht in een arrest van 21 november 1952 ( Den Ouden/Van Rooij ):

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f6cfecce1728964f7f37db28147e42a75f780732aecc37a97ff58f1343552581. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f6cfecce1728964f7f37db28147e42a75f780732aecc37a97ff58f1343552581, en de alinea staat in dat document op bytes 28234 tot 29356.