Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 november 2016

Onder 3.17 Parket bij de Hoge Raad 18 november 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 november 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1173.

Ik merk nog op dat de in-beginsel-clausule in het arrest van 15 maart 2003 (Schepen Onderlinge Nederland) erop duidt dat er uitzonderingssituaties kunnen zijn waarin de rechter geen gelegenheid biedt om derden op te roepen. Voorts is aan te tekenen dat [verweerder] vanwege de regel dat geen rechtsmiddel kan worden ingesteld tegen een medegedaagde (zie onder 3.12), [betrokkene 2] en [betrokkene 3] niet in hoger beroep kon dagvaarden. In theorie is het denkbaar dat deze regel wordt losgelaten voor een situatie als de onderhavige. Gebruikmaking van de mogelijkheid om op de voet van art. 118 Rv de oorspronkelijk mede-gedaagden in hoger beroep op te roepen ligt echter meer voor de hand.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f6cfecce1728964f7f37db28147e42a75f780732aecc37a97ff58f1343552581. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f6cfecce1728964f7f37db28147e42a75f780732aecc37a97ff58f1343552581, en de alinea staat in dat document op bytes 49022 tot 49867.