Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 november 2016

Onder 4.22. Parket bij de Hoge Raad 18 november 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 november 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1174.

De rechtsklacht loopt stuk op een gebrek aan feitelijke grondslag. Het hof heeft immers met zijn verwijzing naar ‘de omstandigheid dat [verweerster] haar zakenpartner behulpzaam is geweest’ klaarblijkelijk gedoeld op de door [verweerster] in cassatie aangehaalde stelling dat zij te goeder trouw en belangeloos Avi te hulp is geschoten en deze omstandigheid dus uitdrukkelijk meegewogen (maar uiteindelijk van onvoldoende gewicht geacht). Wat betreft de motiveringsklacht geldt dat het hof een – aan de feitenrechter voorbehouden – afweging heeft gemaakt tussen de behulpzaamheid [verweerster] enerzijds en het haar te maken verwijt anderzijds. Dat oordeel dunkt mij niet onbegrijpelijk noch onvoldoende gemotiveerd. Het onderdeel licht ook niet toe wat er concreet aan de motivering van het hof schort. Ook subonderdeel 3f faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/051d7ea2932bf9f924d5f0d987dd5edd96e40435cda1585d4a49146eaa7f0339. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 051d7ea2932bf9f924d5f0d987dd5edd96e40435cda1585d4a49146eaa7f0339, en de alinea staat in dat document op bytes 74896 tot 75747.