Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2016
Alinea 31 Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1182.
2. De verplichting kan worden opgelegd aan de in het eerste lid bedoelde persoon die voordeel heeft verkregen door middel van of uit de baten van het daar bedoelde strafbare feit of soortgelijke feiten of feiten waarvoor een geldboete van de vijfde categorie kan worden opgelegd, waaromtrent voldoende aanwijzingen bestaan dat zij door hem zijn begaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/367e594f93a1f230d0857f57337120e5f95a4156c91c9f4a94c7871fb7dc6734. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 367e594f93a1f230d0857f57337120e5f95a4156c91c9f4a94c7871fb7dc6734, en de alinea staat in dat document op bytes 15848 tot 16213.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/367e594f93a1f230d0857f57337120e5f95a4156c91c9f4a94c7871fb7dc6734 | shasum -a 256