Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 november 2016
Onder 3.2.5. Parket bij de Hoge Raad 23 november 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 november 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1199.
Indien de belanghebbende wél stelt dat die feitelijke gegevens onjuist zijn, en de heffingsambtenaar deze stelling van de belanghebbende betwist, komt bewijslevering aan de orde. In dat geval draagt de belanghebbende de bewijslast van zijn stelling dat de door de heffingsambtenaar verschafte feitelijke gegevens onjuist zijn, omdat die onjuistheid een voorwaarde is voor het intreden van het rechtsgevolg dat hij inroept (onverbindendheid van de verordening). Na bewijslevering dient de rechter, uitgaande van de feiten die hij bewezen acht, de rechtsvraag te beantwoorden die hiervoor in 3.2.4 is omschreven, en in het licht daarvan te beoordelen of de opbrengstlimiet is overschreden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/af37aea4ec1062c1f7a51a2faf9f52f2978e0d0e650f90e2432ef452806ae1a7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt af37aea4ec1062c1f7a51a2faf9f52f2978e0d0e650f90e2432ef452806ae1a7, en de alinea staat in dat document op bytes 100260 tot 100961.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/af37aea4ec1062c1f7a51a2faf9f52f2978e0d0e650f90e2432ef452806ae1a7 | shasum -a 256