Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2016

Onder 6.3. Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1209.

Vooropgesteld dient te worden, dat de rechter vrij is in de bepaling van de straf en de waardering van de factoren die hij daartoe van belang acht. Deze afweging is aan de rechter voorbehouden. In cassatie kan niet worden onderzocht of de juiste straf is opgelegd en evenmin of de straf beantwoord aan alle daarvoor in aanmerking komende factoren, zoals de ernst van het feit of de persoon van de verdachte. Ingevolge art. 359 lid 6 Sv dient de rechter evenwel in het bijzonder het opleggen van een vrijheidsbenemende straf te motiveren. Aan dit vereiste is voldaan indien expliciet uit de strafmotivering blijkt, waarom de rechter heeft gekozen voor een vrijheidsbenemende straf of maatregel. Een dergelijke motivering mag summier zijn, maar daaruit dient wel naar voren te komen dat de rechter nadrukkelijk aandacht heeft besteed aan de keuze voor een gevangenisstraf. Een algemene standaardmotivering voldoet niet. De Hoge Raad toetst de motivering voor het opleggen van een gevangenisstraf slechts op zijn begrijpelijkheid.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/23f5a6f4da3ce55808c05c8c1bacc7db692ce991e10ce2397a8722ef92331b8b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 23f5a6f4da3ce55808c05c8c1bacc7db692ce991e10ce2397a8722ef92331b8b, en de alinea staat in dat document op bytes 24839 tot 26071.