Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016

Onder 2.7 Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1226.

In subonderdeel 1.11 wordt betoogd dat het hof de beoordeling van een drietal stellingen van de vrouw onbegrijpelijk heeft gemotiveerd, dan wel onvoldoende op deze stellingen is ingegaan. Het betreft (i) de stelling dat de man sinds februari 2012 werkzaam was als drilling engineer en sindsdien het salaris verdiende als door de studievriend verklaard, (ii) de stelling dat de op de draagkracht van de man in mindering gebrachte omgangskosten niet langer voor mindering in aanmerking komen en (iii) de stelling dat de op de draagkracht van de man in mindering gebrachte woonlasten zijn verminderd doordat de man met zijn nieuwe partner samenwoont in een met eigen middelen betaald koophuis.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bed4ae46bf7370e5ba3fe9117e9fc461386aaf0aa19999cc3a15b2e3a4795f87. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bed4ae46bf7370e5ba3fe9117e9fc461386aaf0aa19999cc3a15b2e3a4795f87, en de alinea staat in dat document op bytes 24275 tot 25016.