Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016
Onder 2.10.2 Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1226.
Op grond hiervan mocht het hof − zonder zich daarmee te bedienen van een verboden prognose − van de vrouw verlangen dat zij nader zou vermelden in hoeverre de studievriend meer of anders zou kunnen verklaren dan dat hij al heeft gedaan. De vrouw heeft slechts aangegeven dat de studievriend zou kunnen verklaren van welke twee relaties hij had vernomen dat de man werkzaam was op een booreiland, zodat deze relaties zouden kunnen worden gehoord. Het oordeel van het hof dat het op de weg van de vrouw had gelegen de namen van deze relaties te achterhalen en te noemen is niet onbegrijpelijk of onjuist. Aangezien de vrouw verder niet heeft aangegeven wat de studievriend meer of anders zou kunnen verklaren, heeft het hof het bewijsaanbod naar mijn mening als niet voldoende specifiek en ter zake dienend mogen passeren en daarbij de juiste maatstaf gehanteerd. De in de subonderdelen genoemde omstandigheden doen daar niet aan af, zodat de klachten niet kunnen slagen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bed4ae46bf7370e5ba3fe9117e9fc461386aaf0aa19999cc3a15b2e3a4795f87. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bed4ae46bf7370e5ba3fe9117e9fc461386aaf0aa19999cc3a15b2e3a4795f87, en de alinea staat in dat document op bytes 29879 tot 30866.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bed4ae46bf7370e5ba3fe9117e9fc461386aaf0aa19999cc3a15b2e3a4795f87 | shasum -a 256