Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016

Onder 2.21 Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1226.

Daaraan doet niet af dat subonderdeel 3.4 onder 1 ten onrechte uitgaat van een hogere draagkracht van de man dan door het hof is aangenomen. Het hof verdeelt immers de door het hof aangenomen (fictieve) draagkracht van de man over diens kinderen. Ook de mogelijkheid dat het hof heeft geoordeeld dat de nieuwe partner van de man niet het inkomen heeft dat de vrouw aan haar toekent (subonderdeel 3.4 onder 2: “vergelijkbaar met het inkomen dat naar de stelling van [betrokkene 1] de vader verdient”) maakt dit niet anders. De man heeft immers gesteld dat zijn nieuwe partner een inkomen heeft van omgerekend ongeveer € 20.000 per jaar en het hof heeft niet vastgesteld dat de vrouw een vergelijkbare draagkracht heeft (nog afgezien van eventuele verschillen in behoefte). Mogelijk heeft het hof in het internationale karakter van de zaak een reden gezien om complicaties te voorkomen door de draagkracht en de daaruit resulterende alimentatie voor de kinderen ineens vast te stellen, maar ook daaromtrent ontbreekt een overweging. De subonderdelen 3.3 en 3.4 zijn naar mijn mening terecht voorgesteld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bed4ae46bf7370e5ba3fe9117e9fc461386aaf0aa19999cc3a15b2e3a4795f87. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bed4ae46bf7370e5ba3fe9117e9fc461386aaf0aa19999cc3a15b2e3a4795f87, en de alinea staat in dat document op bytes 39364 tot 40588.