Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016

Onder 2.18 Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1229.

Nu, zoals hiervoor onder 2.10 vermeld, het Caribisch deel van het Koninkrijk niet een wettelijk voorschrift kent op grond waarvan het hof in beginsel is gehouden om de zaak aan te houden zolang het griffierecht niet is betaald en de daarvoor geldende termijn nog niet is verstreken en de toelichting op art. 270 lid 5 Rv over het doel van het voorschrift vrijwel niets vermeldt, kan m.i. niet met dezelfde stelligheid worden aangenomen dat de aldaar geldende wettelijke regeling er tevens toe strekt reeds bij aanvang van de procedure vast te stellen of het griffierecht tijdig is voldaan om aldus te voorkomen dat de zaak inhoudelijk wordt behandeld en proceshandelingen worden verricht die achteraf bezien onnodig zouden zijn geweest.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d103d26461d99b9a456e8d19e59b552121bdd24f1e9796998bba7f2e299acea8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d103d26461d99b9a456e8d19e59b552121bdd24f1e9796998bba7f2e299acea8, en de alinea staat in dat document op bytes 25721 tot 26471.