Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016
Onder 2.3. Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1231.
Volgens de rechtsklacht onder I.1 gaat het hof hierbij ten onrechte uit van een subjectieve maatstaf, in plaats van de voorgeschreven objectieve maatstaf voor beroepsaansprakelijkheid. Volgens de toelichting op deze klacht is van belang of de objectieve ‘maatman’ – een redelijk handelend en redelijk denkende cassatieadvocaat – in een dergelijk geval in het cassatiemiddel een verwijzing naar de notulen van het werkoverleg zou hebben opgenomen. Het antwoord op de vraag welke kennis (subjectief) bij [eiseres] aanwezig was, is volgens de klacht niet relevant. Daarbij komt, dat een verwijzing naar de notulen van het werkoverleg, om daarmee aan te geven dat de werkneemster haar werkzaamheden voor NAK al in de week van 17 november 1997 had hervat, nutteloos zou zijn geweest. Het gaat om een nieuwe stelling van feitelijke aard, die in de cassatieprocedure tegen NAK als een ontoelaatbaar novum in cassatie zou zijn aangemerkt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb23d4d468410ddad6d3ff799c629ca1b73154475b65dbf017fa53ec9f62e9ed. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb23d4d468410ddad6d3ff799c629ca1b73154475b65dbf017fa53ec9f62e9ed, en de alinea staat in dat document op bytes 20259 tot 21344.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bb23d4d468410ddad6d3ff799c629ca1b73154475b65dbf017fa53ec9f62e9ed | shasum -a 256