Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 december 2016

Onder 4.23 Parket bij de Hoge Raad 1 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1238.

Wat naar mijn idee hierbij over het hoofd wordt gezien, is dat bij de inwerkingtreding van de wetswijziging per 1 januari 2010 geen overgangsrecht is bepaald. Dit betekent dat art. 20, lid 1, AWR zoals dit luidt per 1 januari 2010 bij het opleggen van de onderhavige naheffingsaanslagen (met dagtekening 19 december 2012) van toepassing is. Derhalve hoeft het niet meer te gaan om een ingevolge de belastingwet gedaan verzoek, maar kwalificeert ook een ‘zomaar’ gedaan verzoek. Dit zal de inspecteur in deze casus echter niet baten, omdat ook onder die omstandigheid de kwalificatie van de nadere berichten binnen de aangiftetermijn blijft dat dit herziene aangiften zijn en dat de belasting tijdig en geheel is afgedragen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b2ed10e9f3d7fb2f898e90605afbf11affe36cefc244b7fb10a92334bf88fba4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b2ed10e9f3d7fb2f898e90605afbf11affe36cefc244b7fb10a92334bf88fba4, en de alinea staat in dat document op bytes 158332 tot 159072.