Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 december 2016
Onder 4.13 Parket bij de Hoge Raad 8 december 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1255.
2. Het voorstel leidt ertoe dat de desbetreffende onroerende zaken waarvan de eigendom, al dan niet via natrekking, berust bij de eigenaar van het recreatieterrein, worden aangemerkt als één object. Als gevolg hiervan wordt, op grond van artikel 24, vijfde lid, aanhef en onderdeel b, van de Wet waardering onroerende zaken en artikel 220b, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet, deze eigenaar ook aangemerkt als gebruiker, en aangeslagen voor het gebruikersdeel van de OZB. Op grond van artikel 220b, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet mag hij de desbetreffende OZB verhalen op de werkelijke gebruiker. Door het voorstel is de werkelijke gebruiker niet langer belastingplichtige. Daarmee is de rechtsbescherming van deze gebruiker in zoverre in het geding dat voor hem niet langer de mogelijkheid open staat van bezwaar tegen de hoogte van de aanslag, terwijl hij evenmin kwijtschelding kan vragen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/553ebbfe8ff4bc430e3ccd631fd1f11ae3ca4406a664510f308d6fc357322b5d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 553ebbfe8ff4bc430e3ccd631fd1f11ae3ca4406a664510f308d6fc357322b5d, en de alinea staat in dat document op bytes 67264 tot 68213.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/553ebbfe8ff4bc430e3ccd631fd1f11ae3ca4406a664510f308d6fc357322b5d | shasum -a 256