Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 december 2016

Onder 2.2. Parket bij de Hoge Raad 8 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1255.

Eigendom is het meest omvattende recht dat iemand op een zaak kan hebben. Dit recht houdt in dat de eigenaar mag doen met zijn zaak wat hij wil, als dat maar niet in strijd is met wettelijke regels en de rechten van anderen. De eigenaar moet tevens de op wettelijke voorschriften en regels van ongeschreven recht gegronde beperkingen in acht nemen (art. 5:1, lid 2, BW). Eigendom is een volledig recht. Het wordt daarom ook wel de moeder van alle zakelijke rechten genoemd. Van dit recht kunnen alle andere rechten worden afgeleid: de zogenoemde beperkte rechten. Iemand die de eigendom heeft van een zaak, heeft dat recht over de gehele zaak, inclusief de te onderscheiden bestanddelen en dergelijke. Hij heeft ook het genot van de vruchten die de onroerende zaak voortbrengt. De eigenaar van de grond is eigenaar van alles wat door die grond wordt nagetrokken. In het Burgerlijk Wetboek (art. 5:20 BW) wordt bepaald dat de eigendom van de grond omvat: de bovengrond, de aardlagen daaronder, het grondwater dat aan de oppervlakte is gekomen, het water dat zich op de grond bevindt en niet in open gemeenschap met water op het erf van een ander staat, de gebouwen en werken die duurzaam met de grond zijn verenigd (rechtstreeks of via andere gebouwen of werken) en de beplantingen die met die grond verenigd zijn. Dit wordt ook wel verticale natrekking genoemd: de grond trekt na en niet andersom.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/553ebbfe8ff4bc430e3ccd631fd1f11ae3ca4406a664510f308d6fc357322b5d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 553ebbfe8ff4bc430e3ccd631fd1f11ae3ca4406a664510f308d6fc357322b5d, en de alinea staat in dat document op bytes 122820 tot 124230.