Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 december 2016

Onder 2.4 Parket bij de Hoge Raad 23 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1321.

Bij schatting aan de hand van de goede en kwade kansen dient de feitelijke situatie na de beroepsfout te worden vergeleken met de hypothetische situatie die zou hebben bestaan als de beroepsfout wordt weggedacht . De gelaedeerde moet verduidelijken hoe de hypothetische situatie er volgens hem zou hebben uitgezien en waarom dat zo geweest zou zijn. Het verschil tussen de kansen in de feitelijke situatie en de kansen in de hypothetische situatie wordt dan als kansschade aangemerkt . De ondergrens is daarbij dat het moet gaan om een reële – dat wil zeggen niet zeer kleine – kans op succes volgens rov. 3.8 van het belastingadviseur- arrest . Er zijn geen exacte regels voor het bepalen van deze ondergrens.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0a782db90d54604b1a88bfffc1e36623bb01ae221a28ebd11c2a284245a4c52b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0a782db90d54604b1a88bfffc1e36623bb01ae221a28ebd11c2a284245a4c52b, en de alinea staat in dat document op bytes 34518 tot 35470.