Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 december 2016
Onder 2.9 Parket bij de Hoge Raad 23 december 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1322.
In dit arrest wordt opvallend genoeg niet expliciet verwezen naar de te hanteren uitlegmaatstaf bij een derdenbeding, zoals wel gebeurde in Taxicentrale Middelburg/[...] . Bakker leidt uit het arrest af dat de vraag of partijen een derdenbeding van een bepaalde strekking zijn overeengekomen, moet worden bezien vanuit het redelijk perspectief van de derde. Dat wil volgens hem zeggen: in de gegeven omstandigheden gerechtvaardigd krachtens art. 3:35 BW, waar volgens hem in de regel een onderzoeksplicht geldt voor de derde naar de motieven en bedoelingen van de contractspartijen. Hij ziet ook een aanwijzing in het arrest dat voor de vraag of sprake is van een derdenbeding niet alle omstandigheden van het geval beslissend zijn. Volgens Bakker mogen bestaan en inhoud uitsluitend worden afgeleid uit de bewoordingen van de polis, al dan niet gecombineerd met gedragingen en/of verklaringen van de verzekeraar .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/445e4954ae758015df2817de98435e746dfde7449a9f9798be2bdc41ad639748. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 445e4954ae758015df2817de98435e746dfde7449a9f9798be2bdc41ad639748, en de alinea staat in dat document op bytes 33707 tot 34732.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/445e4954ae758015df2817de98435e746dfde7449a9f9798be2bdc41ad639748 | shasum -a 256