Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 december 2016
Onder 2.2 Parket bij de Hoge Raad 23 december 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1324.
Bij de bespreking van het middel stel ik het volgende voorop. In dit bevoegdheidsincident is de vraag aan de orde of de Nederlandse rechter internationale bevoegdheid heeft om kennis te nemen van de vorderingen van de in Oostenrijk gevestigde Zürich tegen de in België gevestigde LAG. Zürich heeft met de eveneens in Oostenrijk gevestigde Poll een verzekeringsovereenkomst gesloten. Poll heeft van LAG vier opleggers (trailers) gekocht. Wanneer door een medewerker van Poll met één van die opleggers een lading talkpoeder bij Cargill in Amsterdam wordt afgeleverd, kantelt de oplegger, waardoor schade wordt veroorzaakt aan de oplegger en aan de opstallen van Cargill. Cargill heeft Zürich als verzekeraar van Poll rechtstreeks aangesproken tot vergoeding van de schade. Zürich heeft de schade aan Cargill vergoed. Zürich heeft vervolgens op LAG, de leverancier van de opleggers, verhaal gezocht. Is de Nederlandse rechter bevoegd om van deze vordering kennis te nemen?
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b40f783d14045ace4309583dfd9f385b53af5f36b9793c7ac033112d7f034142. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b40f783d14045ace4309583dfd9f385b53af5f36b9793c7ac033112d7f034142, en de alinea staat in dat document op bytes 14358 tot 15348.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b40f783d14045ace4309583dfd9f385b53af5f36b9793c7ac033112d7f034142 | shasum -a 256