Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 december 2016
Onder 3.6 Parket bij de Hoge Raad 23 december 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1324.
Uit rov. 3.8 van het in cassatie bestreden arrest volgt dat het hof ervan is uitgegaan dat Cargill een eigen recht onder art. 6 lid 1 WAM heeft uitgeoefend. Door het uitoefenen van dit eigen recht van de benadeelde is de WAM-verzekeraar hoofdelijk verbonden naast de andere hoofdelijke medeschuldenaren (waaronder zijn verzekerde Poll), hetgeen tot gevolg heeft dat – bij toepassing van Nederlands recht – de bepalingen van afdeling 6.1.2 BW van toepassing zijn. In de onderhavige procedure heeft Zürich ervoor gekozen een beroep te doen op de algemene subrogatieregels van art. 6:12 BW. Het hof heeft derhalve niet miskend dat in de verhouding van Zürich tot LAG de subrogatieregeling van art. 7:962 BW geen voorrang heeft boven de algemene subrogatieregels van art. 6:10 en 6:12 BW. Onderdeel 1.1 faalt mitsdien.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b40f783d14045ace4309583dfd9f385b53af5f36b9793c7ac033112d7f034142. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b40f783d14045ace4309583dfd9f385b53af5f36b9793c7ac033112d7f034142, en de alinea staat in dat document op bytes 34945 tot 35778.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b40f783d14045ace4309583dfd9f385b53af5f36b9793c7ac033112d7f034142 | shasum -a 256