Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 december 2016

Onder 2.8 Parket bij de Hoge Raad 23 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1325.

Onderdeel 3 richt zich met een motiveringsklacht tegen het tweede gedeelte van rov. 5 ( “De omstandigheid dat Mispelhoef meende (…) eens te meer reden moeten zijn om ter bewaring van recht tot aansprakelijkstelling over te gaan” ) en klaagt dat dit een ontoereikende motivering vormt van het in rov. 5 vervatte oordeel dat de ingangsdatum van de verjaringstermijn op ten laatste 13 februari 2003 lag. Het onderdeel betoogt dat uit de vier in de bedoelde passage besproken omstandigheden (te weten (i) de mening van Mispelhoef dat de aansprakelijkheid primair bij de Gemeente en/of het Waterschap berustte, (ii) het feit dat Mispelhoef professionele rechtsbijstand genoot, (iii) het feit dat Rijkswaterstaat zich in eerste instantie erop heeft beroepen overeenkomstig de door het Waterschap verleende vergunning te hebben gewerkt en (iv) de trage beantwoording door Rijkswaterstaat van de brieven van het adviesbureau) niet, laat staan zonder méér, kan volgen dat, kort gezegd, op 12 februari 2003 aan de door de Hoge Raad geformuleerde maatstaf was voldaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a2185fb7102f03b826bebd787a9e378ce9e9911f43495ccbd12330b0868e1e27. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a2185fb7102f03b826bebd787a9e378ce9e9911f43495ccbd12330b0868e1e27, en de alinea staat in dat document op bytes 48048 tot 49241.