Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016

Onder 2.11.3 Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1328.

Daaromtrent heeft [eiseres] gesteld dat de exploitatie van het restaurant feitelijk overheerste en dat de cateringactiviteiten ongeveer 40% van haar omzet uitmaakten, waarbij zij verwees naar een op haar jaarrekeningen gebaseerd overzicht (producties 3 en 4 bij dagvaarding). De omzetverhouding is ook ter gelegenheid van de pleidooien bij het hof nog ter sprake gekomen (proces-verbaal van pleidooi d.d. 25 maart 2015, blz. 4 onderaan). Het hof baseert zijn oordeel in rov. 4.9 op, kort gezegd, (i) de aanbestedingsprocedure, (ii) de overeenkomst en (iii) de openingstijden van het restaurant. Het hof heeft kennelijk in de verhouding van de omzet van het restaurant (60%) en de catering (40%) geen aanleiding gezien om tot een ander oordeel te komen. Dat is niet onbegrijpelijk te noemen nu de omzetverhouding slechts één van de mogelijke relevante omstandigheden is. In het licht van de in rov. 4.9 gegeven motivering behoefde het hof ook niet nader aan te geven waarom de omzetverhouding hem niet tot een ander oordeel bracht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/75568a2a651f16ab6f21c6e189cf289eba8269dee219cad88895e17ef98f9086. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 75568a2a651f16ab6f21c6e189cf289eba8269dee219cad88895e17ef98f9086, en de alinea staat in dat document op bytes 53183 tot 54358.